Gods of jade and shadow is verfrissend anders dan de dingen die je normaalgezien in het fantasygenre tegenkomt – geen draken, geen middeleeuwse setting. Moreno-Garcia maakt gebruik van Mayaanse mythologie en kiest het Mexico van de jaren 1920 als setting. Nooit gedacht dat ik ooit fantasy zou lezen waarin de charleston wordt gedanst…
Casiopeia Tun woont samen met haar moeder in het familielandhuis. Omdat haar moeder met een man trouwde die niet geschikt werd bevonden door grootvader Leyva, zijn ze nu gereduceerd tot huishulpen die werken voor kost en inwoning. Op een dag opent Casiopeia een donkere kist op de slaapkamer van haar opa, blijft op miraculeuze wijze haperen aan een botschilfertje dat zich dan in haar hand nestelt en zo komt Vun-Camé, de heer van Xibalba en ex-overheerser van de onderwereld, weer tot leven. Hij leeft nu eigenlijk als een soort parasiet op Casiopeia’s levenskracht en moet dringend op zoek naar enkele ontbrekende lichaamsdelen. En snel ook, anders zal Vun-Camé Cassiopeia uiteindelijk vermoorden.
Dit is het begin van een epische tocht doorheen Mexico en de onderwereld. Een tocht waarin Casiopeia niet alleen een tot dan toe onbekende (boven- en onder-) wereld ontdekt, maar ook zichzelf anders gaat bekijken. Moreno-Garcia was voor mij een nieuwe naam in de fantasywereld, maar ik ben alvast heel benieuwd naar de verhalen die ze in de toekomst op de wereld los zal laten.
Dit is maar een van de leestips van Yasmien, de anglofiel van De Leesbrigade.