Hellenacht : roman
Details
549 p.
Besprekingen
De Morgen
Je vraagt je af hoe Lars Mytting na twee lijvige boeken, De Zusterklokken en Het Zustertapijt, over de Noorse Siamese tweeling nog kan boeien met een derde deel. Maar het lukt hem wonderwel.
Het is natuurlijk meegenomen als je die vorige twee delen hebt gelezen, maar echt noodzakelijk is dat niet. Mytting besteedt de eerste vijftig bladzijden van Hellenacht aan een grondige update. Daarin vertelt hij opnieuw over de zussen Hekne, die in de zeventiende eeuw leefden in het dorp Butangen in het Gudbrandsdal, een ontoegankelijke regio in Zuidoost-Noorwegen waar de schrijver zelf is opgegroeid.
Halfrid en Gunild Hekne, een Siamese tweeling, waren vermaard om de oogverblindende tapijten die ze maakten, zoals het Zustertapijt: een subliem tapijt vol voorchristelijke voorstellingen. Het bevatte naar verluidt tevens een voorspelling over het einde der tijden.
Magische krachten waren eerder ook waargenomen bij de Zusterklokken, twee kerkklokken die de vader van de zussen in de zeventiende eeuw had laten maken uit het familiezilver. De klokken begonnen uit zichzelf te luiden bij naderend onheil. Ze hingen in de wondermooie middeleeuwse houten staafkerk, die in het eerste deel van de trilogie door dominee Kai Sweigaard werd verkocht aan de Duitse koning Friedrich Wilhelm IV en in 1881 werd overgeplaatst naar Dresden.
In Hellenacht wordt ook de ingevoerde lezer het verhaal opnieuw binnengetrokken dankzij nieuwe informatie over de lutherse visie op Siamese tweelingen. De zussen zouden op basis van een verordening uit de vroege zeventiende eeuw beschouwd zijn als 'monsters'.
Daartegenover plaatst Mytting de toenmalige dominee Krafft, die de meisjes beschermde tegen kerkelijke onderzoeken naar hun banden met de duivel.
Met zijn focus op Krafft, een sterke persoonlijkheid die niet meeheult met de gangbare ideeën, laat Mytting zien dat er altijd mensen zijn geweest die zich niet zomaar laten inpakken door ideologieën, een waarschuwing die extra telt in de periode waarin Hellenacht zich afspeelt: 1936 tot 1945.
Draaiden de eerste twee romans om het contrast tussen moderniteit en traditie, deze derde roman gaat over de vraag wat iemand doet in oorlogstijd: meelopen, zwijgen of actief in het verzet gaan. Astrid Hekne, kleindochter van de vrouw die destijds de nieuwerwetse ideeën van dominee Sweigaard omarmde, kiest voor het laatste, hoe zwaar dat ook uitpakt.
Dreigende Vragen
Om het afgelegen dorp Butangen in de Tweede Wereldoorlog te betrekken, maakt Mytting slim gebruik van de nazicultus rond runen. Hij laat een aantal erfgoedspecialisten van nazisignatuur zoeken naar runen op de staafkerk in Dresden. Zo belanden de nazi's in Butangen. Daar maken ze Astrid en dominee Kai Sweigaard het leven zuur met dreigende vragen over het verdwenen Zustertapijt. Het levert erg spannende bladzijden op, die uitmonden in een apocalyptische ontknoping die de dominee zelf in gang zet.
Hellenacht bevat tal van magische componenten met een eigen logica. Je moet als lezer bereid zijn die erbij te nemen, net zoals het tikkeltje te veel toeval om het verhaal te doen kloppen. Toch blijft Myttings epische roman boeien. Hij zet de sfeer van een afgelegen dorp perfect neer. De vele verhalen over dorpelingen die zijn moeder hem vertelde, inspireerden hem, zo schrijft hij in zijn dankwoord.
Lars Mytting, Hellenacht, Atlas Contact, 550 p., 24,99 euro.
Vertaling Paula Stevens.